Ondersteuning

Leerlingvolgsysteem

De ontwikkeling van de leerlingen wordt bijgehouden met behulp van een leerlingvolgsysteem. In groep 1/2 wordt de observatiemethode Kijk! gebruikt. Wanneer de leerkracht het wenselijk acht meer inzicht in de ontwikkeling te krijgen, worden leerlingen getoetst m.b.v. de Cito Kleutertoetsen voor Taal en Rekenen. Vanaf het eind van groep drie worden alle leerlingen twee keer per jaar getoetst. Dit gebeurt door middel van het afnemen van Cito standaardtoetsen die los staan van de methodes die we op school gebruiken. Alle toetsen kennen een ‘landelijke norm’. Dat wil zeggen dat de resultaten van onze leerlingen vergeleken worden met een landelijk gemiddelde. Voor de sociaal emotionele ontwikkeling wordt twee keer per jaar de SDQ (social development questionaire) ingevuld.

Leerlinggegevens

De gegevens die over leerlingen gaan, worden persoonsgegevens genoemd. De school maakt alleen gebruik van persoonsgegevens als dat noodzakelijk is voor het leren en begeleiden van onze leerlingen en voor de organisatie die daarvoor nodig is.

Wij gaan zorgvuldig om persoonsgegevens. Dit is vastgelegd in het privacyreglement dat te vinden is op amosonderwijs.nl. Uitgangspunt is dat wordt voldaan aan de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp). Het reglement is met instemming van de Gemeenschappelijke Medezeggenschapsraad (GMR) vastgesteld.

Soms worden er bijzondere persoonsgegevens, bijvoorbeeld medische gegevens, geregistreerd als dat nodig is voor de juiste begeleiding van een leerling.

Uitwisseling van leerlinggegevens en privacy

De leerlinggegevens en vorderingen worden opgeslagen in ons administratie- en leerlingvolgsysteem ParnasSys. Dit programma is beveiligd en toegang tot de verwerkte gegevens is beperkt tot medewerkers van onze school. De school maakt onderdeel uit van schoolbestuur AMOS. In het kader van de gemeenschappelijke administratie en het plaatsingsbeleid, wordt met het bestuur een beperkt aantal persoonsgegevens gedeeld.

Bepaalde gegevens van scholen in Nederland worden geanonimiseerd en landelijk geregistreerd door de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO) in BRON (basisregistratie onderwijs) en door de Onderwijsinspectie. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om gegevens over de leerlingenpopulatie en onderwijsopbrengsten. Deze gegevens worden onder andere gebruikt door Vensters PO.

Tijdens de lessen maken wij gebruik van digitale leermaterialen. Hiervoor is een beperkte set met persoonsgegevens nodig om bijvoorbeeld een leerling te kunnen identificeren als deze inlogt. Met leveranciers zijn afspraken gemaakt over de gegevens die ze van ons krijgen. Zij mogen gegevens alleen gebruiken als daar toestemming voor is gegeven, zodat misbruik wordt voorkomen.

Om leerlingen eenvoudig toegang te geven tot digitaal leermateriaal van de school, maken wij gebruik van Basispoort. Deze software maakt het geven van onderwijs op maat via gedigitaliseerde leermiddelen mogelijk. Het maken van bijvoorbeeld een oefening of online toets is alleen mogelijk als de leerkracht weet welke leerling de antwoorden heeft ingevoerd. Hiervoor zijn leerlinggegevens nodig. De school heeft met Basispoort een overeenkomst gesloten waarin afspraken zijn gemaakt over het gebruik van de leerlinggegevens.

Basispoort maakt gebruik van de volgende set met gegevens: een identificatienummer van Basispoort, voornaam, achternaam, tussenvoegsel, geboortedatum, leerlingkey, groepskey, groepsnaam, jaargroep, geslacht en het identificatienummer van de school. Via Basispoort worden geen leer- of toetsresultaten opgeslagen en/of uitgewisseld.

Onze school maakt gebruik van lesmethoden van verschillende uitgevers. Met enkele uitgevers wordt digitaal data uitgewisseld. Verder wordt ook met enkele partners digitaal data uitgewisseld. Als u wilt weten hoe wordt omgegaan met de leerlinggegevens, dan kunt u dat nalezen in privacy bijsluiters. De school maakt gebruik van de volgende leveranciers:

* Leverancier administratie- en leerlingvolgsysteem ParnasSys: https://parnassys.nl/privacy.php

* Overstapservice Onderwijs: http://www.overstapserviceonderwijs.nl/veelgestelde-vragen/veiligheid-en-privacy/

* Beheerder ICT netwerk SKOOL: http://www.skool.nl/over-skool/juridisch-privacy.aspx

* Digitale bordsoftware Gynzy: https://www.gynzy.com/nl/corporate/privacy

* Methode Staal: http://www.malmberg.nl/Privacy.htm

* Methode Engels Take it Easy: https://www.thiememeulenhoff.nl/privacy

* Methode Nieuwsbegrip:

http://www.nieuwsbegrip.nl/uploads/media_items/nieuwsbegrip-privacyverklaring-bij-leveringsvoorwaarden.original.pdf

Inschrijfformulier van de school

De meeste vragen op ons inschrijfformulier spreken voor zich. Een aantal vragen zijn wij wettelijk verplicht aan u te stellen. Zo vragen wij naar uw opleidingsniveau. Dit heeft te maken met de wettelijke ‘gewichtenregeling’: de bekostiging die wij van de rijksoverheid ontvangen.

Wijzigen persoonsgegevens

Ouders hebben het recht om de gegevens van en over hun kind(eren) in te zien. Als de persoonsgegevens niet kloppen, moet de informatie gecorrigeerd worden. Als de gegevens die zijn opgeslagen niet meer relevant zijn voor de school, mag u vragen die specifieke gegevens te laten verwijderen. Voor vragen of het uitoefenen van uw rechten kunt u contact opnemen met de schooldirecteur.

Foto en videomateriaal

Voor het gebruik van foto’s en video-opnames van leerlingen op bijvoorbeeld de website van de school of in de nieuwsbrief, vragen wij altijd vooraf uw toestemming. Ouders mogen altijd besluiten om die toestemming niet te geven, of om eerder gegeven instemming in te trekken. Als u toestemming heeft gegeven, blijven wij natuurlijk zorgvuldig met de foto’s omgaan en wegen wij per keer af of het verstandig is een foto te plaatsen. Voor vragen over het gebruik van foto’s en video’s kunt u terecht bij de leerkracht van uw kind of bij de schooldirecteur.

Interne begeleiding

Onze school heeft twee intern begeleiders, die samen met de onderwijskundig schoolleider en de individuele leerlingbegeleiders het ondersteuningsteam van onze school vormen. Het ondersteuningsteam komt regelmatig bijeen om het zorgbeleid in het algemeen en leerlingen die extra zorg nodig hebben in het bijzonder te bespreken.
De intern begeleider bespreekt samen met de leerkracht van iedere groep op welke wijze de extra zorg wordt vormgegeven. Voor leerlingen met E- of D-scores wordt een handelingsplan opgesteld. Ook voor leerlingen met sociaal-emotionele of gedragsproblemen wordt middels een handelingsplan naar verbetering gestreefd.
Een handelingsplan beslaat altijd een bepaalde periode en wordt na afloop geëvalueerd. Ouders worden geïnformeerd over de aard van de extra hulp die geboden wordt. Alle afspraken die de intern begeleider met de klassenleerkracht over de kinderen maakt en alle toetsresultaten worden bijgehouden in een leerlingdossier. Ouders kunnen dit dossier van hun kind op school inzien.

Voor leerlingen die extra leerstof aankunnen wordt in overleg met de intern begeleider vastgesteld op welke wijze deze leerlingen in de groep begeleid worden en welke extra activiteiten aangeboden worden.

Sociale veiligheid op school

Sociale veiligheid op school.

Op de DRK vormt omgang met elkaar een van de pijlers van de school. Daarom wordt er in alle groepen elke week een klassenvergadering gehouden waarin kinderen een eigen inbreng hebben en waarin vaste punten bijv. complimenten ronde, mededelingen etc. voorkomen.

Ook de leerkracht kan punten inbrengen of een terugkerend thema bespreken. Door deze vergaderingen krijgen wij goed zicht op wat er speelt in een groep, zodat we daar adequaat op kunnen reageren. Leerkrachten kunnen voor advies en hulp terecht bij de aandachtsfunctionaris Liesbeth Brederveldt of bij de contactpersonen Janneke Burger, Ingeborg Terlien en Kees Entius. De contactpersonen komen 1 keer per jaar in groep 5 t/m 8 voorlichting geven over respectvolle omgang met elkaar, je eigen grenzen bewaken en wat te doen bij pesten.

Onze school heeft een pestprotocol. Hierin staat o.a. dat we door middel van toezicht en gesprekken pestgedrag signaleren, afspraken maken per groep, duidelijk maken dat pestgedrag niet wordt getolereerd en hoe we als nodig passende maatregelen treffen. Zowel de pester als de gepeste krijgen de nodige aandacht. Kinderen moeten leren hoe ze met elkaar omgaan. In alle groepen worden duidelijke groepsregels besproken. In de midden- en bovenbouwgroepen (groep 3 t/m 8) worden de groepsregels samen met de leerlingen opgesteld en hangen duidelijk zichtbaar voor alle leerlingen op posterformaat aan de wand van het lokaal.

De wet schrijft voor om de veiligheidsbeleving te monitoren. Sommige scholen kiezen voor het label vreedzame school. Wij onderzoeken momenteel of wij in de toekomst deze methode of een eigen aanpak zullen volgen.

De sociaal emotionele ontwikkeling van de leerlingen volgen wij systematisch door middel van het 2 keer per jaar invullen van de SDQ lijst van de GGD. De uitkomsten worden besproken met de IB-er.

Dyslexiebeleid

Dyslexiebeleid

Dyslexie is een verzamelnaam voor kinderen met ernstige problemen met lezen en spellen.

Groep 1 en 2
Tijdens het  intake gesprek wordt geïnformeerd of er dyslexie in de naaste familie voorkomt. Dit wordt op het Entreeformulier genoteerd.

Met behulp van dechecklist signalen vroegonderkenning dyslexie wordt bij deze kinderen gemonitord of  ze tot de risicogroep behoren.                                                                                                                                                                                                                                         Is dat het geval, dan gaat het kind vanaf de 2e helft groep 2 deelnemen aan het computerprogramma Bouw. Dit programma is adaptief, wordt gedurende 2 jaar zowel op school als thuis gedaan en heeft een wetenschappelijk bewezen preventief effect op de ontwikkeling van ernstige dyslexie. Een aantal teamleden heeft de training als mentor/coördinator Bouw gevolgd.

Groep 3 en 4
Risicolezers zijn  reeds gesignaleerd en worden vanaf begin groep 3 bij het leesonderwijs goed in de gaten gehouden. Wanneer zij bij de leestoetsen (Cito M3) uitvallen, krijgen zij 3 x per week 20 minuten extra leesondersteuning in een kleine groep. Dit gebeurt volgens een standaard handelingsplan, waarin de te behalen doelen worden geformuleerd in termen van vaardigheidsgroei/DLE. Dit plan dient telkens zorgvuldig te worden geëvalueerd. Als het doel niet is bereikt, wordt het plan aangepast en voortgezet.

Wanneer er halverwege groep 4 nog steeds sprake is van achterstand en functioneren op niveau V bij technisch lezen en/of spelling komt een kind in aanmerking voor vergoede diagnostiek en wordt een schooldossier samengesteld. Een belangrijke indicator is een opvallend verschil tussen deze resultaten en de resultaten op bijvoorbeeld de rekentoetsen. Wanneer een kind op alle terreinen zwak presteert, is er meestal sprake van bredere leerproblematiek.

Behandeling vindt vervolgens buiten school plaats bij IWAL, Het  ABC.

Op school doet de leerling zoveel mogelijk gewoon mee met de instructie. Dictees kunnen worden aangepast/ gehalveerd/ op de computer gedaan, enz. Dit gebeurt altijd in overleg met de dyslexiebehandelaar en de ib-er.

Bovenbouw groepen 5 tot en met 8                                                                                                                                                                                                    Het komt voor dat begaafde leerlingen in de middenbouw nog redelijk meekomen met lezen en spellen, maar in de bovenbouw relatief grote achterstanden gaan oplopen bij deze vakken. Als er een groot contrast is met de resultaten bij andere schoolvakken, is er mogelijk sprake van dyslexie. In die gevallen laten wij als school, in overleg met ouders, diagnostiek verrichten. De leerling kan dan voor de overstap naar het VO een dyslexieverklaring verwerven en heeft dan recht op compenserende maatregelen in het VO.

Compenserende maatregelen                                                                                                                                                                                                               Een zwakke lezer wordt aan een maatje gekoppeld wanneer er stukken tekst gelezen moeten worden. De vragen worden zoveel mogelijk zelfstandig  door het kind beantwoordt.

Om het zelfvertrouwen van het kind zoveel mogelijk te ondersteunen, wordt gestreefd naar zoveel mogelijk succeservaringen. Hardop voorlezen in de groep wordt niet van het kind gevraagd.

Kinderen met een officiële dyslexieverklaring hebben recht op extra tijd bij toetsen. In het PO speelt dit nog niet zo, maar het is goed om je te realiseren dat het maken van toetsen hen meer inspanning kost en dat zij soms gebaat zijn bij meer tijd/opknippen van de toets in meerdere delen.

Deze leerlingen hebben vaak ook automatiseringsproblemen bij het leren van de tafels bij rekenen. Wanneer dit hun tempo bij het uitvoeren van rekenwerk in de bovenbouw ernstig gaat belemmeren, mogen zij een tafelkaart gebruiken. Dit dient wel altijd in het dossier in ParnasSys vermeld te worden. Ook bij de overstap naar het VO is het van belang dit goed over te dragen.

Voor kinderen met zeer ernstige leesproblemen is het programma ClaroRead aangeschaft, dat teksten en webpagina’s voorleest.

 

Leerlingbegeleider

De klassenleerkracht is verantwoordelijk voor het functioneren van de groep en de leerlingen in de groep. De intern begeleider is verantwoordelijk voor het functioneren van de extra zorg voor de leerlingen die dat nodig hebben. De leerlingbegeleider is, samen met de klassenleerkracht, verantwoordelijk voor het uitvoeren van die extra zorg. De extra begeleiding wordt op het handelingsplan aangegeven en kent een bepaalde tijdsinvestering. De leerlingbegeleider werkt met kinderen individueel of in een groepje buiten de klas.

Ouder- en kindadviseur

De ouder- en kindadviseur (OKA) maakt deel uit van het Ouder- en Kindteam binnen het stadsdeel Westerpark. Elke school heeft vanuit het ouder- en kindteam één of meerdere adviseurs toegewezen gekregen. Onze OKA’s heten Floor Overman en Rianne Korthouwer.

De OKA ondersteunt leerlingen en ouders die om wat voor reden dan ook moeite hebben met het functioneren op of buiten de school. Zij adviseert, signaleert, biedt preventieve ondersteuning, haalt de benodigde expertise de school in of verwijst zo nodig door naar een deskundige. U kunt als ouder via de leerkracht of intern begeleider een afspraak met de OKA maken of zelf contact met haar opnemen.
Contactgegevens:

Floor Overman                                                                    Rianne Korthouwer
tel. 06-36565986                                                               tel. 06-30801567
f.overman@oktamsterdam.nl                                     r.korthouwer@oktamsterdam.nl

Orthotheek

Voor extra leer-, hulp- en begeleidingsmiddelen beschikken we over een uitgebreide orthotheek. Deze bevat gespecialiseerde methodes, leerboeken, werkschriften, hulpmiddelen, naslagwerken en speciale computerprogramma’s die door de leerkrachten gebruikt worden.

Passend onderwijs

Passend Onderwijs

Wat houdt Passend onderwijs in?

  • Scholen en schoolbesturen hebben de zorgplicht om elk kind een goede onderwijsplek te bieden. Voor de meeste           kinderen is het reguliere basisonderwijs de beste plek. Als het echt nodig is, kunnen kinderen naar het speciaal basisonderwijs of het speciaal onderwijs.
  • Kinderen krijgen daar waar mogelijk onderwijs dicht bij huis. Dit betekent dat de ondersteuning waar mogelijk naar de leerling moet worden gebracht in plaats van de leerling naar de ondersteuning.
  • Scholen moeten meer uitgaan van de mogelijkheden van leerlingen en minder de nadruk leggen op eventuele beperkingen. Scholen kunnen sneller en effectiever handelen als een leerling extra ondersteuning nodig heeft.

Zorgplicht
Zorgplicht betekent dat het schoolbestuur en de school voor iedere leerling die op de school zit of zich aanmeldt, voor passend onderwijs moeten zorgen. Hierbij moeten zij eerst nagaan wat de school zelf kan doen, met of zonder extra ondersteuning. Klik hier voor meer informatie over zorgplicht of kijk op www.swvamsterdamdiemen.nl.

Benieuwd welke ondersteuning onze school kan bieden? Dit staat beschreven in het schoolondersteuningsprofiel. Wilt u dat inzien, klik dan hier.

De juiste ondersteuning is niet mogelijk. Wat nu?
Soms kan het gebeuren dat onze school, ondanks de mogelijkheid van extra ondersteuning, geen passend onderwijs aan een leerling kan bieden. In dat geval zorgen wij ervoor dat de leerling ergens anders terecht kan waar deze ondersteuning wel wordt geboden. Dit kan op een andere school van hetzelfde schoolbestuur zijn, een school bij een ander bestuur of op een school voor speciaal (basis)onderwijs. Onderwijs dicht bij huis is hierbij een belangrijk uitgangspunt.

De verantwoordelijkheid voor het zoeken en aanbieden van een juiste onderwijsplek ligt bij de school waar de leerling is aangemeld. Belangrijk bij de uitvoering van de zorgplicht is dat de school met ouders overlegt wat de onderwijsbehoefte van de leerling is en welke ondersteuning hierbij het beste past.

Samenwerkingsverband Amsterdam Diemen
Alle schoolbesturen in Amsterdam en Diemen hebben samen en op grond van de wet, een samenwerkingsverband opgericht. Het Samenwerkingsverband Amsterdam Diemen (SWV). Dit SWV ondersteunt en adviseert de aangesloten scholen bij de uitvoering van passend onderwijs.

Kijk voor meer informatie over passend onderwijs in Amsterdam en Diemen op de website van het Samenwerkingsverband Amsterdam Diemen www.swvamsterdamdiemen.nl. U kunt het Samenwerkingsverband als volgt bereiken:

Samenwerking met de gemeente voor jeugdhulp
Onze school vindt een goede samenwerking met de jeugdhulp heel belangrijk. De school werkt  daartoe samen met de Ouder- en Kindteams van de gemeente. Heeft u vragen of zorgen over uw kind, neem dan contact op met de ouder- en kindadviseurs van onze school. Zij zijn elke donderdagochtend  tussen 8.30 en 11.00 aanwezig zijn op de locatie Van Oldenbarneveldtstraat voor de ouders van beide locaties. U bent van harte welkom!
Floor Overman                                                                    Rianne Korthouwer
tel. 06-36565986                                                               tel. 06-30801567
f.overman@oktamsterdam.nl                                     r.korthouwer@oktamsterdam.nl

Medezeggenschap bij passend onderwijs:
Er zijn verschillende medezeggenschapsorganen betrokken bij passend onderwijs:

  • Medezeggenschapsraad van de school: de MR van de school is samengesteld uit leerkrachten en ouders en heeft adviesrecht op het schoolondersteuningsprofiel. In dit profiel legt de school vast wat ze aan (extra) ondersteuning kan bieden en hoe deze ondersteuning georganiseerd is.
  • Ondersteuningsplanraad: dit is de medezeggenschapsraad van het Samenwerkingsverband. Deze raad heeft instemmingsrecht op het ondersteuningsplan. Hierin staan de afspraken van de schoolbesturen die zorgen dat alle kinderen een passende onderwijsplek krijgen. De raad in Amsterdam Diemen bestaat uit tien personen: vijf ouders en vijf personeelsleden van de scholen.
  • GMR van de schoolbesturen: de besturen waar meerdere scholen onder vallen hebben een gemeenschappelijke medezeggenschapsraad. In de GMR zitten vertegenwoordigers van de MR’s van de scholen. De GMR heeft formeel geen rol in de medezeggenschap op passend onderwijs. Toch heeft zij een belangrijke rol. Het budget voor extra ondersteuning wordt in het Samenwerkingsverband primair onderwijs Amsterdam Diemen geheel toebedeeld aan de besturen. De GMR heeft informatierecht en daarmee inzicht in de wijze waarop het schoolbestuur de toewijzing van extra ondersteuning organiseert. De GMR kan gevraagd of ongevraagd advies uitbrengen.

 

Kijk voor meer informatie over passend onderwijs in Amsterdam en Diemen op de website van het Samenwerkingsverband primair onderwijs Amsterdam Diemen www.swvamsterdamdiemen.nl.
Contactgegevens:
Samenwerkingsverband primair onderwijs Amsterdam Diemen
Maassluisstraat 2 III
1062 GD Amsterdam
Tel.: 020 7237100

Wilt u meer informatie over medezeggenschap bij passend onderwijs? Kijk dan op www.medezeggenschappassendonderwijs.nl.

Voor landelijke informatie kunt u terecht bij www.passendonderwijs.nl

Schoolarts & -tandarts

Schoolarts

Naast de pedagogische en didactische zorg voor de leerlingen valt ook de lichamelijke zorg onder de zorgbreedte. Hiervoor hebben we contact met de GG en GD.
Gedurende de hele schoolperiode worden de kinderen driemaal onderzocht; tweemaal door de schoolarts (vijf jaar en twaalf jaar) en éénmaal door de schoolverpleegkundige (acht jaar).

Schoolarts : Elsbeth van Koppen, schoolzuster: Anne de Jong

Adres:
Ouder-en-Kindcentrum
Westerpark 1, 1013 RR Amsterdam
Tel: 020-5555882 

Schooltandarts

Vanaf het eerste schooljaar kunnen de kinderen twee keer per jaar worden gecontroleerd door de schooltandarts Sara Setodeh. Zij is via het RIA (Regionaal Instelling Jeugdtandverzorging Amsterdam) te bereiken onder telefoonnummer 020-616 63 32. Nieuwe leerlingen krijgen een formulier waarop ingevuld kan worden of er wel of niet toestemming gegeven wordt voor behandeling.

De voorlichting ouders schoolkeuze

Amsterdamse afspraken: de Kernprocedure PO-VO
Een goede overstap van de basisschool naar het voortgezet onderwijs is van groot belang voor een succesvolle schoolcarrière. Daarom hebben de Amsterdamse schoolbesturen samen met de gemeente afspraken gemaakt over het proces van aanmelding en inschrijving op een school voor voortgezet onderwijs. Deze afspraken zijn vastgelegd in de kernprocedure. Daarin staan de overstapregels die voor alle nieuwe brugklassers gelden.

Sinds het schooljaar 2014-2015 is een aantal zaken in de Amsterdamse Kernprocedure veranderd. Dit hangt samen met de landelijke invoering van de verplichte eindtoets én met een nieuw systeem van ‘centrale matching’ bij de aanmelding voor het voortgezet onderwijs. Meer informatie over de kernprocedure vindt u hier en op de website www.amsterdam.nl.

De verplichte eindtoets

Sinds 2014-2015 is in Nederland de verplichte eindtoets primair onderwijs ingevoerd. Deze eindtoets wordt tussen 15 april en 15 mei in groep acht op alle Nederlandse basisscholen afgenomen. Voor sommige leerlingen is het maken van de eindtoets PO niet verplicht. Zie voor meer informatie over de eindtoets de website van de Rijksoverheid.

Het schooladvies
Met de invoering van de verplichte eindtoets PO is het schooladvies leidend geworden bij de toelating van leerlingen in het VO. De eindtoets is een onafhankelijk tweede gegeven naast het schooladvies.

Elke leerling in groep acht krijgt van zijn/haar basisschool vóór 1 maart een definitief schooladvies voor het VO. Hierin staat welk type voortgezet onderwijs het beste bij de leerling past. Daarbij wordt onder andere gekeken naar aanleg en talenten, leerprestaties, de ontwikkeling tijdens de hele basisschoolperiode en de concentratie, motivatie en doorzettingsvermogen van uw kind.

Als een leerling de eindtoets PO beter maakt dan verwacht dan moet de basisschool het schooladvies heroverwegen. Deze heroverweging kan leiden tot een wijziging in het schooladvies. Er kan ook door de school besloten worden het oorspronkelijke schooladvies te handhaven. Soms is het resultaat van de eindtoets PO minder goed dan verwacht. In dat geval mag de basisschool het schooladvies niet aanpassen. Zie www.nieuweregelgevingovergangpo-vo.nl voor meer informatie over het schooladvies VO.

Kwaliteitszorg en kwaliteitsontwikkeling

Kwaliteitszorg en kwaliteitsontwikkeling

Onze school werkt continu aan de ontwikkeling van het onderwijs. Wij doen dit in een cyclisch proces waarin we aspecten van het onderwijs onderzoeken, plannen maken en uitvoeren om deze aspecten te verbeteren en evalueren of de plannen effectief blijken.

Wij willen leerlingen laten uitgroeien tot authentieke, zorgzame en kritische mensen die bewust deelnemen aan de samenleving. Met het onderwijs en het klimaat op de Dr. Rijk Kramerschool dragen we eraan bij dat leerlingen opgroeien tot gelukkige mensen, die zichzelf kennen en zich in hun eigenheid geaccepteerd weten door:

I. Onderwijs op maat

Borging van onderwijskwaliteit en de gezamenlijke visie op pedagogisch didactisch handelen, juist in relatie tot het omgaan met verschillen (ondersteuning leerlingen met specifieke onderwijsbehoeften en samenwerken en samen leven.

Opbrengstgericht werken en tevens handelingsgericht werken blijft een belangrijk thema voor onze school, zodat wij vanuit een gezamenlijke visie en werkwijze nog planmatiger kunnen werken aan het verbeteren van leerresultaten en algemene ontwikkelingskansen voor alle leerlingen.

II. Blijvend realiseren breed onderwijsaanbod. Keuze, afstemming en borging van activiteiten per leerjaar, waarbij samenhang en integratie van werkvormen, vakinhouden en overige (culturele, creatieve, sportieve )activiteiten binnen onze visie een logische schoolkeuze zijn.

III. De huidige leerlingen leven in een tijd en omgeving, waarbij de 21e eeuwse vaardigheden van betekenis zijn voor de organisatie van het onderwijs (het begeleiden van leerlingen, het geven van lessen, het creëren van een speel- en leeromgeving, het maken van keuzes van methodes / leermiddelen, benutten mogelijkheden i.c.t.) De leerlingen worden uitgedaagd en ondersteund om een bij hun leeftijd passende zelfsturende rol te vervullen bij het stellen van doelen.

IV. De Dr. Rijk Kramer school wil een duurzame school zijn. Eco-School is het internationale keurmerk voor duurzame scholen, waar de school voor gaat. De school doorloopt het zevenstappenplan om volledig gecertificeerd te kunnen worden. Leerlingen worden actief betrokken in dit proces. Zij bedenken acties en voeren deze uit in en om de school. Het Eco-concept richt zich naast duurzaamheid op zorgzaamheid en verdraagzaamheid.

In schooljaar 2017-2017 waren de ontwikkelpunten 21th century skills en planmatig differentiëren en meer- en hoogbegaafdheid. In het schooljaar 2017-2018 zijn de ontwikkelpunten beleid en hoogbegaafdheid, voortzetting 21th century skills, planmatig differentiëren, afstemming beleid dyscalculie.

Onderwijskundige rapporten

Voor kinderen die tussentijds onze school verlaten stelt de groepsleerkracht in samenwerking met de intern begeleider een onderwijskundig rapport op dat naar de nieuwe basisschool gestuurd wordt. Een kopie van dit rapport wordt aan de ouders verstrekt. Bij de overgang van de basisschool naar het voortgezet onderwijs volgt onze school de kernprocedure van de gemeente Amsterdam. In januari bespreekt de school met de ouders een definitief schoolkeuze-advies. Meer informatie over de kernprocedure vindt u hier.

De resultaten

Onderwijsresultaten

Wij zijn ons ervan bewust dat het vermelden van de cognitieve resultaten van ons onderwijs en de uitstroomgegevens van onze leerlingen moeten worden gezien in relatie tot de volgende aspecten:

  • wat was het ontwikkelingsniveau van het kind toen het op de Dr. Rijk Kramerschool kwam;
  • welke ontwikkeling had het, gezien zijn (intellectuele) vermogens, kunnen maken;
  • welke ontwikkeling heeft het gemaakt;
  • hoe lang is het kind op de Dr. Rijk Kramerschool geweest.

De Cito eindtoets resultaten van onze school liggen gemiddeld rond de 540. Wij vinden de Cito Eindtoets schoolscore geen goede opbrengstindicator om scholen met elkaar te vergelijken, omdat dit getal vanuit vele elementen is opgebouwd waar tot nu toe geen eenduidigheid in onderwijsland over bestaat.

De leerlingen in groep 8 krijgen allen een advies voor het voortgezet onderwijs: PRO (praktijkonderwijs), LWOO (leerwegondersteunend onderwijs, extra ondersteuning om VMBO-diploma te halen), VMBO (voorbereidend middelbaar be- roepsonderwijs), HAVO (hoger algemeen voortgezet onderwijs), VWO (voorbereidend wetenschappelijk onderwijs). Het advies is gebaseerd op leerresultaten en werkhouding gedurende de basisschoolperiode. Jaarlijks stromen gemiddeld 60 leerlingen uit.

De cijfermatige resultaten van alle scholen voor primair onderwijs in Nederland zijn te zien op de website Scholen op de kaart. Dit is een rechtstreekse link naar de resultaten van de Rijk Kramerschool.

De onderwijsinspectie
De inspectie bewaakt de kwaliteit van het onderwijs op individuele scholen in het primair, voortgezet en speciaal onderwijs. Elke school wordt ten minste eens in de vier jaar door een inspecteur bezocht, ook als er geen aanwijsbare risico’s zijn. Wanneer de inspectie ernstige tekortkomingen in de kwaliteit van het onderwijs vaststelt dan wordt het toezicht geïntensiveerd. De inspectie verandert de komende periode de wijze waarop zij haar toezicht uitvoert. Zij wil scholen stimuleren om zich blijvend te ontwikkelen, ook al voldoen ze aan de minimumnormen die de inspectie hanteert. Hiertoe voert de inspectie pilotonderzoeken uit op scholen die een basisarrangement hebben. In het nieuwe toezicht is er meer ruimte voor de school om zichzelf te presenteren en om zelf de regie te nemen in de verantwoording over de kwaliteit van het onderwijs.

De verslagen van de inspectiebezoeken zijn openbaar en kunt u inzien op de website van de Onderwijsinspectie.